Hopital chirurgical mobile n° 1 - het kleine paradijs der geblesseerden van Mary Borden (Hoge Seine)

Het nieuwe hospitaal van Mary wordt gebouwd op het kruispunt van de Hoge Seine en de Zuidstraat in Beveren-Kalsijde, een gehucht van Beveren-aan-de-IJzer dicht bij de Franse grens.  Het complex bestaat uit twaalf lange houten verplaatsbare barakken.  Eén van de paviljoenen dient als operatiezaal met een afzonderlijke ruimte voor het maken van röntgenfoto’s.  Er zijn acht paviljoenen met telkens twintig bedden voor de opvang van de gewonden.

Het hospitaal is in hoofdzaak opgericht om zwaar gewonden te behandelen.  De evacuatie gebeurt met drie ambulancewagens.  In de eerste zes maanden worden er 800 slachtoffers opgevangen.  Daarvan sterven er ‘slechts’ 68.  In vergelijking met andere Franse hospitalen is dit een zeer laag cijfer.  Zo krijgt het hospitaal de koosnaam “Het kleine paradijs der gewonden”.  De reputatie is zo goed dat soldaten zelfs bij hun oversten pleiten om bij verwonding naar Beveren-aan-de-IJzer te worden overgebracht.

Het hospitaal start met 17 stafleden waaronder dokters, verpleegsters en verplegers.  Zoals afgesproken mag Mary Borden zelf haar verpleegsters kiezen.  Hoofdverpleegster wordt de Amerikaanse Agnes Warner, afgestudeerd aan de prestigieuze The New York Presbyterian Hospital.  Zij rekruteert ook de Amerikaanse schrijfster Ellen Newbold La Motte.  Het hospitaal breidt gestaag uit.  Er wordt een trainingscentrum voor verpleegsters en verplegers opgericht en een nieuwe afdeling voor tandheelkunde geopend.  In juli 1916 telt het complex al 18 barakken.

Omdat haar aanpak succesvol is mag Mary Borden haar principes ook toepassen nabij de slagvelden van de Somme.  Zij verhuist op 8 oktober 1916.  De Slag aan de Somme is dan al ruim drie maanden bezig.  Er zijn al duizenden doden gevallen en de hele regio is herschapen in een desolaat landschap.  Haar hospitaal telt er 2000 bedden.  Het wordt in januari 1917 overgenomen door de Britten en Mary Borden haar medisch team worden overgebracht naar de Champagne-streek.

In mei 1917 keert Mary Borden terug naar haar originele eenheid in België.  Haar hospitaal is intussen verhuisd van Beveren-IJzer naar Adinkerke (Oosthoek).  Op 4 juni wordt het hospitaal gebombardeerd waarbij verschillende gewonden vallen.  De volgende dag wordt de omgeving getroffen door een gasaanval.  In het najaar van 1917 verhuist het hospitaal andermaal.  Deze keer naar de Wijngaardstraat in Roesbrugge, op een boogscheut van de oorspronkelijke locatie in Beveren-aan-de-IJzer.